www.GotQuestions.org/Nederlands




Vraag: "Als ik mij tot het Christendom bekeer, dan zal mijn familie mij onteigenen en zal ik in mijn cultuur vreselijk vervolgd worden. Wat moet ik doen?"

Antwoord:
Voor gelovigen in landen waar de godsdienstvrijheid een hoeksteen van de samenleving is, is het vaak moeilijk om volledig te begrijpen hoe hoog de prijs voor het volgen van Christus is in andere delen van de wereld. Maar de Bijbel is het Woord van God en is als zodanig alomvattend in zijn inzicht in alle beproevingen en problemen in het leven, ongeacht plaats en tijd. Jezus maakte duidelijk dat het een kostbare onderneming is om Hem te volgen. Sterker nog, het kost ons alles. Op de eerste plaats kost het onszelf. Jezus zei tegen de menigte die Hem volgde: “Wie mijn volgeling wil zijn, moet zichzelf verloochenen, zijn kruis op zich nemen en zo achter mij aan komen” (Marcus 8:34). Het kruis was een executiemiddel en Jezus maakte het duidelijk dat het volgen van Hem gelijk staat aan het laten sterven van je “ik”. Al onze aardse verlangens en ambities moeten gekruisigd worden, zodat we een nieuw leven met Hem kunnen verwerven, want niemand kan twee meesters dienen (Lucas 16:13). Maar dat nieuwe leven is veel grootser en dierbaarder dan alles wat we in deze wereld zouden kunnen verkrijgen.

Op de tweede plaats kan het ons onze familie en vrienden kosten. Jezus legt in Matteüs 10:32-39 uit dat Zijn komst verdeeldheid zaait tussen Zijn volgelingen en hun families, maar dat ieder die zijn familie niet haat (dat wil zeggen: “minder houdt van”) onwaardig is om Zijn volgeling te zijn. Als we Christus ontkennen om de vrede in onze aardse familie te handhaven, dan zal Hij ons in de hemel ontkennen. En als Jezus ons ontkent, dan zal ons de toegang tot de hemel ontzegd worden.

Maar als we Hem in het bijzijn van andere mensen bekennen, ongeacht de persoonlijke prijs die we daar misschien voor moeten betalen, dan zal Hij tot Zijn Vader zeggen: “Deze is van mij – verwelkom hem in Uw koninkrijk.” Het eeuwige leven wordt in Matteüs 13:44-45 de “schone parels” genoemd. Deze zijn het waard om alles op te geven wat je bezit. Het heeft geen zin om je aan de dingen van dit korte en vluchtige leven vast te houden en de eeuwigheid te verliezen. “Wat heeft een mens eraan als hij de hele wereld wint, maar er het leven bij inschiet?” (Marcus 8:36). Jim Elliot, de missionaris die gedood werd omdat hij Christus naar de Huaorani Indianen in Ecuador bracht, zei: “Iemand die geeft wat hij niet kan behouden, om te verwerven wat hij niet kan verliezen, is geen dwaas”.

Jezus maakte ook duidelijk dat je omwille van Zijn Naam onvermijdelijk vervolgd zult worden. Hij moedigt ons aan om dit te verwachten als een normaal onderdeel van het discipelschap en om in deze vervolging moedig te blijven. Hij noemt de vervolgden zelfs de “gelukkigen” en vertelt ons: “Verheug je en juich, want je zult rijkelijk worden beloond in de hemel” (Matteüs 5:10-12). Hij herinnert ons eraan dat Zijn mensen altijd al vervolgd zijn geweest. De profeten uit het Oude Testament werden vervolgd, bespot, gefolterd, vermoord en in één geval zelfs in tweeën gezaagd! (Hebreeën 11:37) Alle apostelen (met uitzondering van Johannes, die naar het eiland Patmos werd verbannen) werden ter dood gebracht omdat zij Christus predikten. De traditie stelt dat Petrus erop stond dat hij ondersteboven werd gekruisigd, omdat hij zichzelf onwaardig vond om op dezelfde manier als zijn Heer te sterven. En toch schreef hij in zijn eerste brief: “Als u gehoond wordt omdat u de naam van Christus draagt, prijs u dan gelukkig, want dat betekent dat de Geest van God in al zijn luister op u rust” (1 Petrus 4:14). De Apostel Paulus werd gevangen gezet, geslagen en talrijke malen gestenigd omdat hij Christus predikte, maar hij vond zijn lijden niet eens het vermelden waard in vergelijking met de heerlijkheid die later zijn deel zou zijn (Romeinen 8:18).

Hoewel de prijs van het discipelschap misschien hoog lijkt, zijn er zowel aardse als hemelse beloningen. Jezus beloofde ons dat Hij altijd bij ons zal zijn, zelfs tot het einde der tijden (Matteüs 28:20); Hij zal ons nooit verlaten of in de steek laten (Hebreeën 13:5); Hij kent onze pijn en ons lijden, omdat Hijzelf voor ons heeft geleden (1 Petrus 2:21); Zijn liefde voor ons kent geen grenzen en Hij zal ons nooit meer op de proef stellen dan we aankunnen en Hij zal ons altijd een uitweg bieden (1 Korintiërs 10:13). Wanneer wij de eerste in onze familie of in onze cultuur zijn die Christus omarmen, dan worden we leden van de familie van God en we zijn dan Zijn ambassadeurs naar onze geliefden en naar de wereld. Op die manier is het mogelijk dat wij het instrument zijn dat Hij gebruikt om anderen tot Zich te brengen, en dat geeft ons een vreugde die alles overtreft wat we ons ooit zouden kunnen voorstellen.

© Copyright 2002-2014 Got Questions Ministries.